Pagina's

dinsdag 4 juli 2023

Zwitserland (deel 2)

Dag 4: Mainz - Rastatt (185 km)

Na de onbestaande rustdag gisteren was het vandaag tijd voor de langste etappe. Het fietspad langs de Rijn bevond zich helemaal niet langs de Rijn. Het bleek zich immers een paar overstromingsgebieden meer inlands te bevinden. Niet geklaagd echter, want het wegdek was voortreffelijk en ook het uitzicht was prachtig.


We maalden kilometers als nooit tevoren. Zelfs het welgemikte kakbombardement van een vogel uit Oppenheim - was het sluikreclame voor de nieuwe Nolan-prent? - kon ons niet afremmen.

In Worms probeerden wegenwerken ons uit onze flow te halen, maar doordat ze de omleiding lieten passeren langs een supermarkt, maakten we van deze nood een deugd en vulden we onze reserves aan. Een cola, wat broodjes, de geur van urine op een zonovergoten supermarktparking temidden van het zwerfvuil, wat wil een mens meer... Inderdaad: couleur locale. Die kregen we in de vorm van 3 ruige locals die op een gammel bankje hun halveliters aan het verzetten waren, vergezeld van een passend muziekje. AC/DC, Motörhead, misschien Iron Maiden? Niets van dat, in Duitsland luisteren de stoere boys naar Pink.


We wreven onze ogen uit bij het aanschouwen van dit surreële tafereel, maar moesten verder. Mijn dunne koersbandjes schaatsten een mooie pirouette in een hoopje zand en mijn gevoel won het voor de zoveelste keer onterecht van de gps. "Ja Wannes, langs hier is een shortcut" ... "Hmm, die autostrade is wel wat lastig" ... "Ja sorry, ik zat fout". Uiteindelijk raakten we toch aan de overzijde van de autostrade. Ondanks de hulp van een tractor, de prachtige fietspaadjes en een lekker ijsje begonnen de kilometers stilaan te wegen. We dachten tien kilometer te kunnen afsnijden door een ferry te nemen, maar fata morgana-gewijs bewoog de boot steeds verder van ons weg toen wij op de steiger reden. Net vertrokken helaas.


Ook de brug leek even hetzelfde pad op te gaan, maar uiteindelijk haalden we ze toch in en raakten we aan de andere kant van de Rijn en in Rastatt, onze eindbestemming van deze lange dag. Een broodje met rijst bleek het vegetarische aanbod van de plaatselijke kebabzaak maar als een mens honger heeft, is hij de moeilijkste niet.

Dag 5: Rastatt-Villingen-Schwenningen (144 km)

Misschien dat u bij het lezen van het verslag van deze voorlopig relatief spoedig verlopen reis wat op uw honger blijft zitten en meer chaos verwacht, en pech, en tegenslag, en fysieke en mentale ontberingen... Dit dagverslag is er dan ook eentje voor de sadisten onder jullie. 

Het begon nochtans voorspoedig. Met slechts 115 kilometer op het programma, konden we bij de start onze hand bijna uitsteken naar de eindbestemming van de dag. Vrij gauw merkten we echter dat het gps-bestand vrij lui van aard was. "Euh ja, pak anders gedurende 100 km de grote baan en dan ben je er." Nu zijn we niet vies van een stukje autostrade of een moordstrookje langs een Franse departementsweg, maar 100 km grote baan is bezwaarlijk leuk te noemen. Gelukkig stond er vrij snel een fietspijltje richting Freudenstadt en dat was eveneens een halte op de route van onze gps. Deze fietsroute kende ongetwijfeld meer afstand en meer hoogtemeters dan de gps-weg en ook moesten we stukjes onverhard terrein overwinnen, maar we passeerden een supermarkt en alles liep behoorlijk vlot. En de route was verbazend mooi.

In Freudenstadt tankten we bij en zagen we dat de gps bleef volharden in fietsonvriendelijke steenwegen. Gesterkt door onze positieve ervaringen van de voormiddag, beslisten we verder te improviseren. Fietsbordjes richting nieuwe tussenhaltes zagen we algauw niet meer. We oriënteerden ons even op basis van de stand van de zon en het mos op de bomen, maar gaven het snel op. We waren verdwaald... De moed zonk ons in de schoenen, maar Wannes' mobiele data leverde ons een alternatief aan, een alternatief dat ons vrij snel in een bos bracht. De horrorfans nemen hun zakje popcorn ter hand maar voor ons was het toch voor even uit met de pret. Het bos bracht ons wandelpaadjes en hoewel de lieve leden van de grootste wandelvereniging ter wereld ons op de juiste weg probeerden brengen, waren we hierop niet voorbereid. Op het zoveelste onverharde stukje werd mijn voorwiel gestenigd en met een herkenbare psssjjjjtt gaf mijn band de geest.


Een voorbereid fietser is er echter twee waard en nog voor de wolven konden huilen bij de aanblik van een lekker hapje, zat de reserveband erin en gingen we weer op weg. We verlieten het bos en kwamen zowaar weer terecht op een fietsroute. Eindelijk terug asfalt... en een paar verdwaalde stenen. Ik ontweek de kleintjes, maar om één of andere reden knalde ik recht op de grootste... met voorwiel en achterwiel. Niet één, maar twee lekke banden. Reservebanden had ik niet meer bij en het tubetje lijm dat ik meehad bleek bijna leeg en uitgedroogd. Het dichtstbijzijnde dorpje was minstens 5 kilometer verder en 100 hoogtemeters hoger, dus werd Wannes vooropgestuurd op zoek naar een fietsenmaker. Intussen begon ik aan een onmogelijke wandeling. Fiets onder de arm, fiets op de schouder, fiets op de rug, stap voor stap dichter bij het dorp. Waarom hadden we die tent thuisgelaten?


Opgeven stond bijna toch in mijn woordenboek toen een levensechtige engel verscheen. En nee, engels hebben geen vleugels en geen aureool, maar wel een koersfiets en een fietshelm. De fietser in kwestie had magische stickers mee die ik op de gaatjes in mijn band moest kleven en dan zou ik kunnen verderrijden. Ik was skeptisch, want zo zonder lijmtube leek dit wel zwarte magie. Maar de duivel mocht mijn ziel hebben, zolang ik maar verder kon fietsen. En zowaar, de stickers hielpen en mijn fiets raakte gereanimeerd.


Reanimatie was wat Wannes ook stilaan nodig had, toen hij na zijn nodeloze extra hoogtemeters terugkwam bij mijn intussen gemaakte fiets. Toen we in Rottweil aankwamen was het tegen 8 uur, en dan moesten we nog een klein uurtje rijden. Een vierde lekke band werd mijn deel, toen bleek dat de magische stickers ook hun beperkingen hebben. Wannes werd alvast naar het hotel gestuurd, terwijl ik voor de tigste keer die dag de bandenlichters bovenhaalde. Intussen koelde het af en om het warm te krijgen, racete ik de laatste 20 kilometer naar het hotel, waar Wannes me opwachtte met een frisse pint. De eerste van de reis, maar we hadden ze verdorie verdiend! De meeste restaurants waren al gesloten, maar in een voorts verlaten winkelstraat vond ik nog een kebabzaak. De draaispiezen waren weggenomen, maar de pizzaoven werkte nog. Waar ik dacht dat men pizza maakt met deeg, tomatensaus en wat toppings, maakte de uitbater zijn heerlijke pizza's met zijn hart (weliswaar figuurlijk). Een feestmaal!


Dag 6: Villingen-Schwenningen - Horgen (117 km)

We hadden geslapen als roosjes na de heroïsche rit de dag voordien en waren volledig klaar voor de laatste etappe in lijn. In Zwitserland zouden nog wel wat criteriums volgen, maar dat voelde toch anders aan. De gps zei vandaag 113 kilometer en na het debacle van gisteren besloten we vandaag braaf zijn instructies te volgen. Was het de lokroep van de eindbestemming, of het lichtjes dalende parcours, maar na een kleine twee uur stonden we in Zwitserland. We hadden ons dagelijkse "We weten het weer beter dan de gps"-momentje, maar dit keer maakten we gauw genoeg rechtsomkeer om de straf hiervoor niet te hoog te laten oplopen.

In Schaffhausen hadden we stilaan nood aan een pitstop, maar het stadscentrum lag in een diepe kuil. Voor kamikazegewijs deze kuil in te duiken, werd wijselijk besloten op het plateau te blijven en nog even door te bijten in onze zoektocht naar een winkel. Op die manier misten we helaas ook de prachtige Rheinfall, de grootste waterval van Europa. De terugrit met de trein enkele dagen later zou dat hiaat opvullen, maar op het moment zelf was ik toch lichtjes ontgoocheld.

Een bijna even grote waterval van tranen vormde zich even later in mijn ooghoek bij het afrekenen in de Zwitserse winkel, toen bleek dat onze reis ons naast wat lekke banden ook nog eens een arm en een been zou kosten. Ok, ok, ik overdrijf, maar de prijzen lagen toch 50% hoger dan in België en Duitsland. Een mens zou rechtsomkeer maken, ware het niet dat we om van Zwitserland naar Zwitserland te rijden, blijkbaar sowieso nog eens Duitsland door moesten. 

Wannes profiteerde van de normale EU-internettarieven om zijn examenresultaten op te zoeken - die slimme kerel was weer geslaagd voor alles - alvorens we definitief Zwitserland betraden. We stoomden door naar Zürich. De vliegtuigen vlogen rakelings langs ons hoofd, maar we kregen het vooral op onze Kloten van de lichten en files in het stadscentrum. De Decathlon lag onbewust op onze weg, en ik interpreteerde dit als een goddelijke wenk om toch een extra binnenband te kopen. Hoewel nog maar vier uur, raakten we pas na veel vijven en zessen het stadscentrum uit en wachtte ons de mooie panoramische route langs het meer.

Althans, zo had ik me de laatste rechte lijn richting Wouter voorgesteld. Helaas lagen er tussen het fietspad en het meer een drukke baan, huizen en een park waardoor het uitzicht flauw was. Volledige focus op het fietsen dus en al zeker toen een sportieveling ons voorbijstoof en Wannes me een "pak hem" toeriep. We peuzelden hem net niet met huid en haar op toen we op de rem moesten gaan staan. Na 6 dagen en meer dan 900 km lachte Horgen ons toe. Wouters appartement bereiken leverde ons nog wat extra steile hoogtemeters op, maar op dat moment konden we de wereld aan. De fietsen werden in de atoombunker geplaatst (geen grap, maar iets typisch voor Zwitserland blijkbaar) en na een Zwitsers biertje en chipje kregen we het gezelschap van Frederik en Sam die ter voorbereiding van de kampeerfietsreis nog een kleine hoogtestage ingepland hadden. De drie komende dagen zouden we een paar Zwitserse colletjes bedwingen, genieten van het meer, het mooie weer, ijsjes en gezellig samen zijn. Merci Wannes om het 6 dagen met mij uit te zingen, merci Wouter voor de ontvangst en merci Sam en Frederik voor het gezelschap! Tot een volgende reis!

- Pieter -

zicht uit Wouters appartement





zaterdag 1 juli 2023

Zwitserland (deel 1)

Lokeren-Zwitserland: een tocht in 6 etappes

Lief en leed hebben Stan en ik de afgelopen 11 jaar gedeeld op fietsreis. Elk jaar volgden we het vaste stramien: de kaart van Europa bekijken, een bestemming prikken, vrienden proberen te overtuigen mee te gaan, overleggen met de spoorwegen van allerlei landen om ons alstublieft te willen meenemen, tentje en bagage opladen en gaan naar niet zo verre landen. Elk jaar kregen we in onze wanderlust gezelschap van een bont allegaartje van andere sportievelingen. Sommigen hielden het maar kort vol, anderen ontpopten zich tot onmisbare tandwielen in onze fietstrein. Maar Stan was kader en wiel, versnelling en rem, stuur en zadel. Tot dit jaar...

Was het een vroege midlifecrisis van mijnentwege of toch die dekselse Covid die mijn fietsreis vorig jaar minder succesvol liet verlopen dan gewenst? Ineens ontstond bij mij het idee om op reis te gaan met de koersfiets. Een op het eerste zicht banale aanpassing aan een voorts gesmeerde ketting, maar ze bracht grote gevolgen met zich mee. De twee dikke fietstasbulten die alle bagage op mijn andere fiets droegen, moesten plaats maken voor extra aerodynamica en rijplezier.

Tent en slaapzak konden niet meer mee en ik moest me dan ook overgeven aan de dagelijkse luxe van een restaurantje onderweg en een hotelkamer met warme douche. Stan daarentegen hield masochistisch vast aan de avontuurlijke ontberingen die wildkamperen en kokerellen met zich meebrachten. Het Lokers schisma was een feit. Dit jaar zouden er voor het eerst twee fietsreizen zijn: een luxefietsreis - door kwatongen herdoopt tot een reis voor mietjes - en een kampeerfietsreis. Hieronder leest u alvast het verslag van de eerstgenoemde, een reis die Wannes en mezelf in zes dagen tot bij Wouter in Zwitserland moest brengen. De uitgetekende fietsroute klokte af op ca. 850 km, maar wie onze eerdere avonturen gevolgd heeft, weet dat daar altijd wonderbaarlijk veel kilometers bijkomen.

Dag 1: Lokeren-Maaseik (ca. 175 km)

De goden dachten duidelijk het hunne over ons verraad aan de oorspronkelijke fietsvakantiefilosofie. Regen en miezer wisselden elkaar af. Gelukkig was het helemaal niet koud en bovendien blies de wind vol in onze rug. We vlamden onder de Schelde door en zochten onze weg richting Albertkanaal. Een manoeuvrerend schip dreigde dit kanaal en de bijhorende brug te herleiden tot een nieuwe Suez-ramp, maar na een kwartiertje heen en weer sturen, konden we onze weg vervolgen. 


Een middagpauze in Herentals vulde onze tank aan en omdat we maar met twee waren, verliep deze stop enorm vlot. Net toen we dachten efficiënt bezig te zijn, bemerkten we twee fietsende Gentse scoutsleiders die in minder tijd verder gefietst hadden, op een minuutje tijd een bifi en een doos Pringels konden binnenschransen en ons verbijsterd achterlieten op hun weg richting kampplaats. We hadden zelfs geen tijd om met onze ogen te knipperen.

De namiddag deed ons voor de eerste keer improviseren. In plaats van ons zorgvuldig opgestelde gps-bestand te volgen, beslisten we even rond te rijden langs het boomfietspad in Hechtel-Eksel. De omweg bleek er eentje van minstens 10 kilometer en al bij al viel de attractie toch een beetje tegen. We bekeken de route uit de boom, maakten een cirkeltje en trokken verder richting Maaseik. 


Inchecken, een douche en op zoek naar een warme hap. De goden waren niet langer boos op ons en leidden ons naar Domino's waar het zowaar dolle zaterdag was. 


Dag 2: Maaseik-Remagen (157 km)

In al onze decadentie hadden we voor onze eerste nacht een hotel geboekt met inbegrepen ontbijtbuffet. Roerei verorberen dat niet vastgekoekt zat aan een roeste gamel, yoghurt eten met een lepel, brood snijden met een mes, allemaal zaken die we de voorbije jaren net niet verleerd waren. Nog aan het ontbijt zaten een aantal jonge triatleten, die bij het aanzien van Wannes vol schrik vroegen of hij ging concurreren met hen in de wedstrijd die hen wachtte. Wij hadden echter grootsere plannen en dienden te vertrekken richting Remagen. 

De GPS was even het noorden kwijt en weigerde de juiste route aan te geven. Dat we iets te ambitieus alvast de route van dag 3 hadden ingeladen, kon hier wel mee te maken hebben. Eens dit euvel verholpen, trokken we van België naar Nederland en van Nederland naar Duitsland. We wisten dat zondag een moeilijke dag is in bevoorradingstermen, dus maakten dankbaar gebruik van de eerste McDonalds langs de weg. Gelukkig, want daarna was het toch een tweetal uur leegte wat eten en drinken betrof. Een bakker bracht soelaas met wat zoetigheden en een gigantische kop chocomelk waarin ik net niet verdronk. 


Het gesukkel met de GPS was voor even verleden tijd, want we ontmoetten onze nieuwe gids: de Rijn. Deze rivier was machtig breed - en zou dat in tegenstelling tot wat Wannes beweerde nog wel een tijdje blijven. Helaas gold dit niet niet voor het fietspad erlangs. We laveerden ons een weg tussen de vele zondagsfietsers en kwamen al bij al vlot aan bij ons huisje in Remagen. U leest het goed: een volledig huisje was die avond ons deel. Wasmachine, televisie, stromend water, we hadden het allemaal. Ook honger hadden we, maar dat was dankzij de plaatselijke kebabzaak maar tijdelijk. 


Dag 3: Remagen - Mainz (147 km)

Rustdag... althans, dat had ik Wannes wijsgemaakt. Na zijn zware examens en twee pittige ritten, zou het vandaag een ride in the park zijn die eindelijk voor decompressie kon zorgen. Navigeren was simpel, want we moesten enkel de Rijn volgen richting zuiden. Helaas dacht de wind exact het tegenovergestelde. In Koblenz, waar de Moezel de Rijn voedt, deden wij hetzelfde met onze lege maagjes.



Met Deutsches Eck, Pfalzgrafenstein en Lorelei(kt nergens naar) passeerden we enkele typische Rijn-trekpleisters. In het mooie stadje Bingen bingeden we ijsjes maar met onze beperkte bezetting kregen we de hele doos niet op. We probeerden ze gratis uit te delen, maar dat liep niet van een Loreleien dakje. Of het hun lactose-intolerantie, onze lijfgeur of mijn pornosnor was laat ik in het midden, maar na een aantal deksels op de neus, kregen we ze uiteindelijk toch geruild voor karmapunten. 


De laatste kilometers naar Mainz brachten ons langs mooie stukjes dijk waar een wielertoerist ons uitdaagde. De vermogensmeter werd aan flarden getrapt en bijna konden we hem afschudden tot onze parcourskennis onbestaander bleek dan de zijne. Uitbollen naar onze hotelkamer dan maar waar we op onze kamer een keukentje ontdekten. We kregen nostalgie naar de kookmomenten van eerdere reizen en flansten met tortellini in tomatensaus het signature dish bij uitstek in elkaar. 


- Pieter -